|
Een muffe kelder. Nauwelijks verlicht. Aan een gammele tafel zitten Herder en mevrouw Vinck. Herder rookt. Hij lijkt zenuwachtig.
'Is Sulfaat er al?', vraagt Herder. Mevrouw Vinck schudt het hoofd en neuriet een lied. Sinds meer dan vijftien jaar neuriet mevrouw Vinck de hele dag het eerste lied dat zij die ochtend op de radio heeft gehoord.
'Ik wil duidelijkheid in deze zaak,' zegt Herder. 'Panter, weet jij iets van oponthoud?'
Panter gromt iets onverstaanbaars. Panter is oud en vuil en draagt een zwarte lap stof voor het rechteroog. Gekwetst tijdens een missie. Geraakt door de klauwen van een buizerd. De missies zijn zwaar en lang niet ongevaarlijk. 'Van alle smerigheid in deze wereld zie ik gelukkig maar de helft,' antwoordt Panter wel eens als men hem vraagt naar zijn verwonding.
In een hoek zit Silla. Silla is de vrouw die op een dag plots kwam aangewaaid. Een meisje nog. Zij is jong, speels en gulzig naar het leven. 'Ik heb deze ochtend twee zwaluwen gezien,' meldt Silla en ze rekt zich behaaglijk uit. 'Herder, ik wil naar zee. Ik wil de warmte proeven.'
'Als één zwaluw de lente niet maakt dan maken twee zwaluwen ook de zomer niet,' zegt Panter en hij trekt een extra trui aan. Het is fris in de kelder. Panter is taai maar verdraagt geen kilte.
Mevrouw Vinck stopt plots met neuriën. 'We moeten wachten,' zegt ze, 'en hopen op een goede afloop. Sulfaat weet wat hij doet. Er zullen zich ongetwijfeld onverwachte verwikkelingen hebben voorgedaan tijdens zijn missie.' Ze zucht, kijkt bedenkelijk voor zich uit en hervat dan het neuriën. Herder meent 'In such crooked time' van Centro Matic te herkennen maar durft daar geen eed op doen. Mevrouw Vinck lijkt helemaal niet op iemand die Centro Matic beluistert.
Iemand belt aan de deur. Het snerpend geluid van de deurbel teistert de kelder. Iedereen kijkt gespannen naar elkaar. Alleen Silla lijkt niet onder de indruk. Haar jeugd verdraagt nog geen angst. Ze staat op en wil naar de deur lopen maar een dwingend handgebaar van Herder weerhoudt haar.
'Blijf Silla, blijf!' zegt Herder. 'Heeft Sulfaat een sleutel?', vraagt Herder. Panter knikt ontkennend. Herder staat op en loopt naar de deur. Hij legt zijn oor voorzichtig tegen de deur en vraagt dan met vervormde stem naar het wachtwoord.
'Als de vogels het gebergte zijn overgevlogen dan wacht hen de woestijn,' klinkt de stem van Sulfaat aan de andere kant. Herder kijkt Panter vragend aan. Panter knikt. Herder opent de deur en Sulfaat strompelt totaal over zijn toeren binnen. Hij loopt naar de tafel en laat zich vallen op een stoel.
'Het foedraal lijkt gestolen en we krijgen bezoek,' brengt Sulfaat moeizaam uit.
Even ontstaat er commotie. Herder vloekt en mevrouw Vinck stop haar geneurie. Dan valt er een ijzige stilte over de kelder die een eeuwigheid lijkt te duren.
En dan plots weer het oorverdovende geluid van een bel. Panter krimpt ineen. Iedereen houdt zich stil en hoort hoe Zwerver op de bovenverdieping het vijandelijke bezoek probeert af te wimpelen.
|